Master na master i/d Specialistische Geneeskunde

 

De opleiding

De master-na-masteropleiding in de Specialistische Geneeskunde (120 SP) leidt arts-specialisten op die over de adequate kennis en vaardigheid beschikken om hoogwaardige patiëntenzorg te verlenen in hun specifieke vakgebied. De opleiding levert een klinisch competente medische specialist af die zich door een houding van wetenschappelijke nieuwsgierigheid en leergierigheid levenslang spontaan en zelfstandig kan blijven informeren in een vakgebied dat zowel wetenschappelijk als technologisch snel uitbreidt.

Algemene competenties

De algemene competenties hebben betrekking op het maatschappelijke handelen als arts-specialist, binnen een economisch verantwoord kader en rekening houdend met sociale en ethische aspecten van de medische specialistische praktijk. Deze behoeften werden reeds vertaald in de eindtermen tot basisarts, maar zijn ook van toepassing in de vervolgopleiding (opleidingscontinuüm). De algemene competenties kennis en wetenschap, zullen zoals in het medisch handelen specifiek voor het vakdomein, betrekking hebben op het kunnen stellen van de juiste vragen, het doelmatig zoeken naar, en het beoordelen van de kwaliteit van de onderbouwing in de literatuur en het op de hoogte blijven van de onderbouwde zorgnormen.

Terug naar boven

Drie niveaus en vier rollen

De opleiding telt 120 studiepunten en is opgebouwd rond drie niveaus en vier rollen. Gezien de grote verscheidenheid van de afstudeerrichtingen voorziet de opleiding in algemene competenties, gemeenschappelijk voor alle arts-specialisten (niveau 1), aangevuld met 2 niveaus die de arts-specialist oriënteert in de richting van één van de specifieke beroepsprofielen. Op het einde van de opleiding bereikt de arts-specialist de vereiste competenties van de opleiding.

Niveau 1: kerncompetenties voor alle specialiteiten

Niveau 1 bevat de kerncompetenties voor alle specialiteiten. Het gaat hierbij om bepaalde kennis, vaardigheden en attitudes waarover elke specialist moet beschikken om minimaal effectief te zijn. Dit heeft betrekking op de wetenschapsbeoefening en de algemeen vormende aspecten van de opleiding.

Niveau 2: meer nadruk op beroepsgerichtheid

Vanaf niveau 2 krijgt de opleiding een sterkere beroepsgerichtheid. Hoewel niveau 2 zou kunnen gezien worden in het verlengde van niveau 1, starten aspecten met betrekking tot kennis en wetenschap uiteraard reeds zeer vroeg in de opleiding tot specialist. Daarnaast blijven de algemeen geldende competenties van niveau 1 zich als een rode draad profileren tijdens de hele opleiding. Het operationeel niveau en de verantwoordelijkheid van de arts in opleiding nemen geleidelijk toe in zijn vakdomein door het verwerven van specifieke kennis en vaardigheden. Op niveau 2 beheerst de arts in opleiding de algemene basiskennis, die nodig is om met de nodige deskundigheid zijn toekomstige kennis verder op te bouwen. Op dit niveau dienen dan ook de ziektebeelden genoemd te worden die tot het voor de specialist specifieke expertisegebied behoren en die in continuïteit met niveau 3 worden opgesteld. Bovendien maakt niveau 2 gebruik van vaardigheden voor specialisten met een breed aandachtsgebied (vb. kerncurriculum interne geneeskunde).

Niveau 3: opleiding per afstudeerrichting

Niveau 3 is het logisch vervolg van niveau 2 en de leerdoelstellingen omvatten de eindtermen van de specialiteit. Door de formulering van deze eindtermen ontstaat duidelijkheid over het basistakenpakket waaraan elke specialist moet kunnen voldoen in zijn vakdomein. Het formuleren van deze eindtermen maakt de plaatsbepaling van de specialist in de gezondheidszorg transparant evenals de betekenis van de specialiteit in termen van doelmatigheid in de geneeskunde. De arts in opleiding kiest nu voor differentiatie, voor concentratie en extra deskundigheid in een bepaald onderdeel van de grote opleidingen, m.a.w. een gedifferentieerde vorm van beroepsuitoefening. Dit veronderstelt een extra kennis en kunde (vaardigheid) meestal in diagnostiek en therapie.

Terug naar boven

Rol 1: Medicus

De specialist denkt en handelt op een wetenschappelijk verantwoorde wijze en kan de wetenschappelijke kennis vertalen naar de patiënt in een ethisch verantwoord kader.

Doelstellingen:
  • Het klinisch toepassen van de algemene en specifieke wetenschappelijke kennis in de discipline op gevorderd niveau (kennis en wetenschap), de nieuwste kennis en vorderingen van het vakgebied volgen en interpreteren.
  • Reflectie van de ontwikkeling van adequate probleemoplossing in complexe domeinspecifieke situaties en het vermogen tot oordeelsvorming na interactie met de beroepspraktijk.

Rol 2: Wetenschapper

De specialist verwerft competenties om op een gevorderd niveau en op een wetenschappelijke wijze te denken en te handelen in zijn vakspecifiek domein.

Doelstellingen:
  • Het verwerven en beheersen van de algemene en specifieke wetenschappelijke kennis in de discipline op gevorderd niveau (kennis en wetenschap).
  • Het ontwikkelen van de vaardigheden op het gebied van klinisch wetenschappelijk onderzoek en in de intrinsieke kwaliteitsbeoordeling van de wetenschappelijke kennis op gevorderd niveau (m.i.v. Evidence-Based Medicine).

Deze kennisontwikkeling vindt plaats in interactie tussen het onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek binnen de relevante disciplines.

Rol 3: Communicator

De specialist communiceert de klinische informatie (mondeling en schriftelijk) naar patiënt/ familie. Hij overlegt met de gelederen van de gezondheidszorg. Deze competenties worden op gevorderd niveau nagestreefd, in overeenstemming met zijn plaats in de gezondheidsstructuur.

Doelstellingen:
  • De specialist is in staat eigen bevindingen en probleemoplossingen evenals eigen wetenschappelijk klinisch onderzoek te communiceren in een multidisciplinaire omgeving.
  • Verwerven van communicatieve vaardigheden.
  • Academische vaardigheden met betrekking tot nationale en internationale wetenschapscommunicatie in zijn beroepsveld.
  • Kennisontwikkeling via interacties met beroepspraktijk.

Rol 4: Manager

De specialist heeft een verantwoordelijkheid in het beheren van de klinische gegevens en positioneert zich in de brede context van de gezondheidszorg (van micro- tot macroniveau).

Doelstellingen:
  • Beheren van informaticatechnologie op gevorderd niveau.
  • De specialist moet in staat zijn de management theorievorming in ziekenhuis en in de gezondheidszorg te volgen, te interpreteren en toe te passen in het relevante beroepsveld (organisatie van de praktijkvoering en professioneel handelen).
  • De specialist verwerft inzicht in de organisatie van de gezondheidszorg en de ziekenhuisstructuur.

Terug naar boven

Schematisch overzicht

Klik op de figuur om het schema op ware grootte te bekijken. De 'x' in de afbeelding staat telkens voor een van de afstudeerrichtingen.


Terug naar boven

Dertig afstudeerrichtingen

De manama telt dertig verschillende afstudeerrichtingen:

  • Anesthesie-Reanimatie (Anesthesiologie)
  • Cardiologie
  • Dermato-Venereologie (Dermatologie en Venereologie)
  • Fysische geneeskunde en Revalidatie
  • Gastro-Enterologie
  • Gerechtelijke geneeskunde
  • Geriatrie
  • Gynaecologie-Verloskunde (Gynaecologie en Verloskunde)
  • Heelkunde
  • Inwendige geneeskunde (Interne geneeskunde)
  • Klinische biologie
  • Medische Oncologie
  • Neurochirurgie
  • Neurologie
  • Nucleaire geneeskunde
  • Oftalmologie
  • Orthopedische heelkunde (Orthopedie)
  • Otorhinolaryngologie (Oto-, Rhino- Laryngologie en Gelaat- en Halschirurgie)
  • Pathologische anatomie
  • Pediatrie
  • Plastische, reconstructieve en esthetische heelkunde (Plastische heelkunde)
  • Pneumologie
  • Kinder- en jeugdpsychiatrie
  • Psychiatrie
  • Radiotherapie - Oncologie
  • Reumatologie
  • Röntgendiagnose (Radiologie)
  • Stomatologie (Stomatologie en Mond-, Kaak- en Aangezichtschirurgie)
  • Urgentiegeneeskunde (Urgentie- en Acute geneeskunde)
  • Urologie

Terug naar boven

Toelatingsvoorwaarden

Een diploma van Master Arts is vereist om de master-na-masteropleiding in de Specialistische Geneeskunde te kunnen volgen.

Terug naar boven

Info voor toekomstige studenten • ©2010 - 2012 • www.geneeskundestuderen.info
Vrije Universiteit Brussel • Faculteit Geneeskunde & Farmacie
Laarbeeklaan 103 • B-1090 Brussel • België
Tel: +32(0)2 477.44.81 • Fax: +32(0)2 477.41.59 • info@geneeskundestuderen.info
Pagina gegenereerd in 0.1227 seconden.